Oud ijzer, Tata en torenklokliefhebbers

Bakens in het vlakke Nederlandse land zijn het: kerktorens en hun klokken. Maar de dikwijls eeuwenoude mechanische uurwerken werden na WOII steeds vaker vervangen door punctuele elektrische modellen. Heel jammer, vond een groep techneuten bij staalbedrijf Hoogovens, en begon in zijn vrije tijd torenuurwerken te repareren.

“Een tijdlang gebruikten we een lokaal van een leegstaande school in IJmuiden als opslagplaats voor oude torenuurwerken,” vertelt vrijwilliger Nico Kroese. “Zonder dat we het wisten werd de school gesloopt en waren de uurwerken als oud ijzer op straat gegooid. We hebben er één kunnen redden. Het hele mechaniek was getordeerd, maar wij hebben het hier volledig teruggebracht in de oorspronkelijke staat.” Grinnikend: “Dat was wel wat je noemt een uitdaging.”

Kerk van Jisp

“Hier” is een werkplaats op de eerste verdieping van een oude loods in Velsen-Noord. Het pand is eigendom van wat vroeger Hoogovens heette, daarna korte tijd Corus en tegenwoordig Tata Steel. In 1978 hoorde Jan Scholtens, instrumentmaker bij Hoogovens, dat het torenuurwerk uit de kerk van zijn woonplaats Jisp zou worden weggedaan. Net zoals elders in het land zou het vervangen worden door een elektrisch uurwerk. Scholtens vond het eeuwig zonde en overlegde met technische collega’s wat ze eraan konden doen. Dat leidde tot de vorming van de Stichting tot Behoud van het Torenuurwerk. Hoogovens stelde een werkruimte beschikbaar, Scholtens en zijn collega’s herstelden in hun vrije tijd het uurwerk en plaatsten het terug. Het loopt nog steeds. Daan Kerkvliet, secretaris van de Stichting, schat dat het zo’n honderd tot tweehonderd jaar gaat duren voor opnieuw een reparatie nodig zal zijn.

15e eeuws uurwerk

Het verhaal van de restauratie verspreidde zich snel, en zo werd de groep vrijwillige techneuten ook betrokken bij het herstel van het torenuurwerk in het Noord-Hollandse dorpje Winkel. Koolstofonderzoek van de houten opwindtrommel dateerde het mechanisme op begin 15e eeuw. Omdat het uurwerk inmiddels al vervangen was door een moderne elektrische aandrijving staat het origineel nu museaal opgesteld in de Lucaskerk te Winkel.Tot de dag van vandaag weten talloze liefhebbers de Stichting te vinden. De vrijwilligers zijn inmiddels allemaal gepensioneerd, maar onverminderd enthousiaste en deskundige metaalbewerkers en elektrotechnici. Secretaris Daan Kerkvliet werkte als constructeur van bruggen en tunnels en is ‘gewoon’ liefhebber van klokken.

Eigen uitvindingen

Hun credo is ‘Geen wijzigingen aanbrengen in het uurwerk’. Alle verbeteringen worden daarom bevestigd met een klemverbinding. Dat betekent niet dat ze moderne technieken schuwen. Omdat er geen kosters meer zijn die gewichten ophalen, heeft de groep volledig automatische opwindsystemen ontwikkeld, inclusief de bijpassende software. Een andere uitvinding is de slingervanger. Tweemaal daags stopt die gedurende een aantal seconden een uurwerk dat per dag circa één minuut voorloopt. Daarna kan het op de exacte tijd weer verder lopen. Door deze toevoegingen lopen ook heel vroege uurwerken nu op tijd. Op hun uitvindingen heeft de Stichting geen patent. Integendeel: veel van de in de afgelopen decennia verzamelde kennis is beschikbaar via haar website. Een deel wordt opgeslagen in een aparte kennisbank. Daan: “Hoe meer ze nagemaakt worden, hoe meer klokken gerepareerd kunnen worden.”

Advies en zelf doen

Het aantal vragen om hulp was soms zo groot, dat mensen weleens langer dan een jaar op hulp moesten wachten. Begin 2000 besloot de Stichting een meer adviserende rol te gaan spelen, en het daadwerkelijke reparatiewerk grotendeels over te laten aan gespecialiseerde bedrijven als Eijsbouts en Daelmans in Brabant en Vellema in Friesland. Voor hun advieswerk vragen ze een bescheiden vergoeding. Wanneer er tijd voor is, doen ze nog steeds graag dingen zelf.

Zichtbaar

Wat torenuurwerken zo boeiend maakt? Voor Nico Kroese is de geavanceerde techniek van de eeuwenoude appraten een blijvende bron van verbazing. “Zulke ingenieuze apparaten. Hoe kregen ze dat in die tijd al voor elkaar?” Daan Kerkvliet: “Het leuke is het formaat. Je maakt zelf onderdelen op een heel andere schaal dan normaal gesproken. In principe is er geen verschil met een gewone mechanische klok. Het zijn allebei tandwielstelsels met een slinger, en meestal een slagwerk met hamer. Alleen het op tijd zetten is lastiger. Je kunt immers niet bij de wijzers. Verder kom je op heel veel verschillende plaatsen, en doe je onderzoek in archieven omdat er zoveel historie verbonden is aan deze uurwerken. En wat ook echt leuk is: je werk is heel zichtbaar.”

www.torenuurwerk.nl

Dit artikel verscheen eerder in het decembernummer 2019 van Vakblad Edelmetaal

 

 

 

15e eeuws torenuurwerk Lucaskerk te Winkel, N-H 

Duizend teruggevonden trouwringen

De schrik is groot als iemand een trouwring verliest. Nog groter is de dankbaarheid wanneer vrijwilligers van GevondenVerloren.nl de gouden band terug weten te vinden. Afgelopen zomer haalden de metaaldetecteerders de duizendste trouwring in hun vijfjarig bestaan boven water.

Een trouwring verliezen kan op allerlei manieren en om allerlei redenen. Mensen vallen bijvoorbeeld af, bewust of doordat ze ziek zijn geweest. Ze smeren zich in met anti-zonnebrandcrème, waarna bij het zwemmen de ring van hun vinger glibbert. Ze verliezen hem bij het eendjes voeren, bij het overgooien van een bal in het water of bij het uitkloppen van een mat op hun balkon. Soms wordt hij bij een ruzie bewust weggegooid.

Vreugde

Wie dan bij GevondenVerloren.nl om hulp vraagt via de website of WhatsApp, krijgt meestal heel snel antwoord. Na een standaard uitvraagprocedure – waar verloren, op land of in water, in het laatste geval: hoe diep? – gaat een duo detecteerders zo snel mogelijk op zoek. GevondenVerloren.nl bestaat uit heel diverse mensen, die als hobby aan metaaldetectie doen. Sommigen zijn ook ervaren duikers. ‘We doen dit speurwerk omdat we het mensen gunnen hun emotioneel waardevolle spullen terug te krijgen. Als dat lukt en je ziet hun vreugde…dat moment is met geen geld te betalen,’ vertelt Richard Ober, die samen met Martin van Hees GevondenVerloren.nl beheert en coördineert. ‘Voor ons betekent het bovendien avontuur. We maken zoveel mee!’

Emotie aan sieraden

Martin van Hees, oprichter van GevondenVerloren.nl, doet vrijwel zijn hele leven al aan metaaldetectie, en ging later ook duiken. Hij realiseerde zich hoeveel emotie er aan sieraden zit toen hij zelf een gouden voetballetje verloor, dat vervolgens door zijn eigen zoon werd teruggevonden. Op Hyves, een voorloper van Facebook, begon hij mensen bij elkaar te brengen die sieraden gevonden of verloren hadden. Het aantal hulpvragen steeg zo snel, dat hij vrienden uit de detectiewereld vroeg ook mee te werken.

324 Keer succesvol

Inmiddels telt de groep 36 leden, grotendeels in Nederland, maar ook een aantal in België en Duitsland. Ze zoeken naar alle mogelijke sieraden en andere dierbare metalen voorwerpen, maar het meest zoeken ze naar trouwringen. De speurders gebruiken detectieapparaten, die reageren op het specifieke eigen geluid van metalen, en af en toe magneten. GevondenVerloren.nl is heel succesvol. In 2018 werd 383 keer hun hulp ingeroepen. Daarvan vonden ze 324 keer het verloren voorwerp terug.

Ringen in het water

Richard herinnert zich een bruiloft waar een tante in rolstoel de ringen wilde bekijken. Ze trok het doosje iets te onhandig open, en één ring sprong weg. Aanvankelijk had niemand van de vrijwilligers tijd. Daarop ergerden ze zich zo aan zichzelf en elkaar, dat uiteindelijk maar liefst vijf leden hun bezigheden lieten voor wat ze waren en kwamen zoeken. En vonden! Een andere keer was het bruidspaar op een vlonder de ceremonie aan het oefenen. De bruidegom liet beide ringen in het water vallen. Martin dook ze nog diezelfde avond op.

Zeearend

Soms lukt een zoekactie ook niet. Wat de hele club tot nu toe het meest bijblijft was een set trouwringen, die al vier generaties werd doorgegeven in de familie van de bruid. Een valkenier zou het doosje door een zeearend laten invliegen en afgeven aan het bruidspaar op de binnenplaats van een kasteel. Maar de vogel raakte uit balans, landde op een schoorsteen, vloog nog een paar rondjes en verloor ergens onderweg de ringen. De detecteerders zijn een half jaar bezig geweest met het uitkammen van het kasteelterrein, terwijl vijf duikers de slotgracht doorzochten. Ondanks die verbeten inzet zijn de ringen nooit gevonden.

Karmapunten

GevondenVerloren.nl droeg heel lang de meeste kosten zelf. Omdat ze te hoog werden is nu een stichting in oprichting. Dat maakt donaties en sponsoring mogelijk, zodat de groep kan blijven doen wat ze doet. Commercieel zal het nooit worden. Richard: ‘Dan wordt het werk en dat willen we niet. Opgetogen mensen zeggen wel eens tegen ons dat we extra karmapunten hebben verdiend, of zelfs een plaatsje in de hemel. Heel leuk natuurlijk. Maar wij vinden helpen de gewoonste zaak van de wereld.’

http://www.gevonden-verloren.nl

 

@MaartjeStrijbos

Dit verhaal verscheen eerder in vakblad Edelmetaal, editie december 2019