Ze heeft zin om iemand écht te leren kennen

De 27-jarige Elisabeth heeft nog nooit een vaste relatie gehad, maar is daar intussen wel nieuwsgierig naar.

“Steeds single zijn heeft me veel gebracht. Het is misschien niet helemaal het einde, maar zeker ook niet erg. Ik heb kunnen onderzoeken wat ik nodig heb, ik ben onafhankelijk, ik heb geleerd goed voor mezelf te zorgen. Desalniettemin ben ik onderhand wel nieuwsgierig naar hoe het is om iemand echt te leren kennen.

Als puber was ik nogal onzeker over mijn lichaam. Ik wilde dunner zijn en was veel bezig met wat ik at. Wanneer een jongen in die tijd belangstelling toonde dacht ik al gauw: ‘Die heeft gewoon geen smaak.’ Dankzij therapie werden zulke gedachten minder en leerde ik mijn zelfvertrouwen uit meer te halen dan alleen mijn gewicht. Ik reed paard op wedstrijdniveau en deed het goed op school. Af en toe werd ik verliefd op jongens en zij op mij. Ik kuste wel eens met iemand. Maar als ik hem daarna tegenkwam durfde ik geen normaal gesprek te voeren. Te eng.

Op mijn twintigste had ik mijn eerste minnaar. Een emotionele, wereldse man die veel wist van kunst en politiek. Hij praatte gemakkelijk over zijn gevoelens en stond open voor de mijne. Ik werd losser en voelde me zekerder van mezelf. Maar hij had ook andere vrouwen. Veel andere vrouwen zelfs. Hij huilde toen dat voor mij reden was niet meer met hem naar bed te gaan. Het is een van de weinige keren dat ik een man heb zien huilen. In de periode daarna volgden een paar one night stands. Het was niet per se mijn intentie, maar vaak wilden jongens daarna niet meer afspreken. Sommigen omdat ze een vriendin bleken te hebben.

De eerste man waar ik volkomen zelfverzekerd op afstapte was Max. Het was tijdens een feest. We dansten, we kusten. Hij vond het leuk dat ik het initiatief had genomen, en hij vond mij ook leuk. Dat kon ik heel goed hebben, het maakte me niet nerveus zoals vroeger. Max was ontspannen, nonchalant, heel vriendelijk en oprecht. Jammer genoeg ging hij vlak daarna studeren in Amerika. Ons contact bloedde dood.

Natuurlijk heb ik ook online gedatet. Vaak is het saai, dat scrollen door een massa nietszeggende gezichten. Iets wat je uit verveling doet. Matches genoeg, dat wel: 435 om precies te zijn.Alleen een gesprek beginnen is lastig. Ik ben niet zo van de small talk. Het voelt alsof ik aan het liegen ben. Als iemand vraagt: ‘Hoe gaat het?’ denk ik: ‘Interesseert het je dan?’ Maar als je geen leuk gesprek op gang weet te brengen of houden, is de kans dat je met iemand afspreekt nul.

Ik ben geen vrouw die alleen maar werkt en paardrijdt. Ik hecht aan een sociaal leven, ga graag wandelen of koken en eten met vrienden. Ik plan mijn dagen zeker niet vol, ik heb echt wel tijd voor een man. Het lijkt me fijn om een relatie te hebben waarin ik me gesterkt en gesteund voel. Dat er iemand is die ik als eerste bel wanneer zich een probleem voordoet, als ik verdrietig ben, of juist iets heel leuks te vertellen heb. Die af en toe tegen me zegt dat alles wel goed komt. Een relatie waarin je op de hoogte bent van wat er gebeurt in elkaars leven. Waarin ik blij ben omdat we samen leuke en interessante dingen doen. En natuurlijk heb ik behoefte aan lichamelijke intimiteit! Aan seks, maar ook aan een arm om me heen.”

Dit verhaal verscheen in het AD Magazine van 13 april 2019

https://broadly.vice.com/nl/article/wjk3yq/twintigers-die-nog-nooit-een-relatie-hebben-gehad-vertellen-hoe-je-met-ze-om-moet-gaan

https://www.eur.nl/nieuws/waarom-liefde-zich-zo-lastig-tinder-laat-vinden

https://vrouw.nl/artikel/verhalen-achter-het-nieuws/49797/waarom-tinder-en-ik-geen-match-zijn

 

 

Van liefde sterker dan de dood

Eveliene wilde een sieraad dat vertelde van de liefde tussen haar en haar overleden man Peter. Gemaakt van hun trouwringen. Nu draagt ze elke  dag met vreugde haar vogeltjesring.

“Vóór hij op 9 april 2015 de operatiekamer inging, hebben Peter en ik samen onze trouwringen afgedaan. De arts had gezegd: ‘Neem maar afscheid’. Ik stopte ze in een zakje, samen met alle sieraden die ik op dat moment droeg. Het was zo’n intens verdrietig moment in niemandsland. Ik dacht dat mijn leven met hem voorbij was.

Peter redde het tóch. Maar onze ringen hebben we niet meer aangedaan. Nog vier maanden heb ik hem thuis verpleegd.

Op onze laatste trouwdag gaf ik hem een schilderijtje met daarop vier musjes. Symbolisch voor ons gezin, want een van de vier stond omgedraaid, alsof hij klaar was om weg te vliegen. Op 10 juli 2015 had Peter nog één heel helder moment. De tuindeuren stonden open en een zwaluw vloog naar binnen. Ik dacht: jasses, die kakt de kamer onder. Maar Peter zei: ‘die zwaluw komt me zo halen’.

Daarna hadden we geen bewust contact meer. Een dag later overleed hij.

Het duurde drie jaar voor ik onze trouwringen weer durfde dragen, na het intense afscheid van ons liefdevolle leven samen. Alleen dan niet gewoon aan elkaar geplakt, als een weduwe. Ik wilde een verhààl. Bij het googelen op ‘trouwringen veranderen’ kwam Aletta’s vogeltjesring boven. Omdat vogeltjes zo’n belangrijke rol spelen voor ons gezin, móest zij wel de juiste persoon zijn.

Het ontwerpen was een heel proces. Ik wilde het ook niet afraffelen. Ik was er klaar voor, maar nog niet helemaal. Terwijl Aletta schetsen en concepten maakte, kon ik er naar toe groeien.

Aletta heeft van onze trouwringen inderdaad een ring gemaakt als een verhaal. Niet glad, omdat het leven niet glad is. Luchtig, omdat het leven wel is doorgegaan, met Peter in een kamer van mijn hart. In twee kleuren goud en met gebruik van de diamanten uit onze trouwringen. Onze zoons vinden het prachtig. Peter’s moeder ook. En andere mensen kijken en zeggen: goh, wat bijzonder. Ik vind het fijn om dan ons verhaal erachter te vertellen, ‘van liefde sterker dan de dood’. Ik draag mijn vogeltjesring elke dag met vreugde.

Dit verhaal verscheen eerder als testimonial op de website van goudsmid Aletta Teunen

http://www.goudsmidutrecht.nl

Van de Straat eten in Lombok

Biologische ingrediënten gebruiken is bij het Utrechtse restaurant Van de Straat zo vanzelfsprekend, dat ze er niet eens reclame mee maken. Ook niet nu het omgedoopt is naar The Vegan Gorilla. Mensen moeten gewoon komen om een leuke avond te hebben. Met lekker, verrassend eten en een vleugje vakantiegevoel.

In hun woonwijk Lombok ontbrak nog iets, vonden de drie mannen die nu samen eigenaar zijn van Van de Straat. Een ontmoetingsplaats waar de wijk gezelliger van zou worden. Laagdrempelig, met goed biologisch eten en drinken. Waar bewoners makkelijk binnenlopen of op het terras neerstrijken voor een drankje, een complete maaltijd of zelfs alleen een dessert. Het werd street food restaurant Van de Straat. Anderhalf jaar geleden opende het zijn deuren in een pand aan de Surinamestraat.

Avonturen

De keuken is het domein van Thijs Afink. Hij reist graag en veel en eet onderweg alles wat hij tegenkomt. Aan de Surinamestraat  maakt hij die gerechten wat toegankelijker voor de Nederlandse smaak. Hij zorgt er wél voor dat het spannend eten blijft, met smaken waar menige gast een vakantiegevoel van krijgt. Gastheer en barman Jasper Visser avonturiert met de dranken. Natuurlijk serveert hij Thijs Tea, de door Thijs ontwikkelde frisdrank van afgekeurd fruit. En verder goede koffie, interessante bieren van kleine brouwerijen en minder gangbare wijnen.

Minimale voetafdruk

Thijs, Jasper en stille vennoot Joost Scholten streven ernaar hun eigen ecologische voetafdruk minimaal te houden. Logisch dat ze elkaar vonden in een grotere bedrijfsvisie,  die ze ook in hun restaurant waar mogelijk doorvoeren. Dat alle gebruikte ingrediënten en dranken biologisch zijn  hoef je daarom volgens hen niet eens te noemen. LED-verlichting hebben ze natuurlijk, en een barkraan die af en toe aangaat, in plaats van non stop te lopen. Buiten liggen dekens, want ze zijn pertinent tegen terrasverwarmers. En voedsel wordt per definitie niet weggegooid.

Uiterlijk

Voedselverspilling raakt Thijs echt. Hartstochtelijk: “Ik kom uit een Twents dorp. Daar merk je veel meer van het boerenleven. Ik weet hoeveel moeite het kost om voedsel te produceren. Dat gooi je dus niet zomaar weg. Zeker niet om uiterlijke redenen, zoals het feit dat een appel net te klein of te groot is om op een standaard supermarktschaal te passen.” Niet voor niets is hij de bedenker van Thijs Tea. In zijn privékeuken experimenteerde hij een jaar lang om een echt lekkere frisdrank te maken van afgekeurd fruit. Inmiddels drinkt Nederland zo’n 200.000 flesjes per maand.

Bewustwording

Het is een verhaal dat Jasper graag vertelt als iemand om ‘een frisje’ vraagt. Net zoals hij graag vertelt over de eerste écht lekkere biologische wijn die hij pas ontdekt heeft in het Gelderse Groesbeek. Of over LiVar varkens, Lakenvelder runderen en Canadese wilde zalm, omdat Van de Straat geen geld wil verdienen aan dierenleed. Want ook bewustwording creëren vinden de drie mannen belangrijk.

Seizoen

Een strikte keuze voor lokale en seizoensgebonden ingrediënten is er niet. Thijs: “Ik heb daar nog geen duidelijke mening over. Haricots verts verbouwen in het koude Nederland kost bijvoorbeeld meer energie dan verbouwen in Kenya, en het dan per schip hier naar toe brengen. Ik zal niet gauw een tomaat in de winter gebruiken, maar je hebt nu ook puike tomaten uit kassen op zonne-energie. Het is niet zo zwart-wit allemaal. Hoofdzaak blijft dat ons eten lekker is. We willen mensen gewoon een leuke avond geven.”

De Groene Garde is een serie over de mensen die het voortouw nemen in het milieuvriendelijker/duurzamer/groener/socialer, kortom béter maken van de Utrechtse horeca.

www.thijstea.com

http://www.thevegangorilla.nl/

 

Dit artikel verscheen eerder bij Frisse Mosterd, magazine en online platform over Utrechtse horeca

http://www.frissemosterd.nl

 

 

Lekker inspireren met bier zonder vlees

 Bier en veganistisch eten, het is geen voor de hand liggende combinatie. Maar bij brouwerij/biercafé/restaurant Oproer in Utrecht doen ze het toch. Ze willen een vriendelijke, open plek zijn, waar iedereen welkom is voor de heerlijkste bieren, bijzondere drankjes en geweldig plantaardig eten.

IT-ondernemer Mark Strooker was altijd goede bieren aan het uitproberen. Bij café België aan de Oudegracht en als tester bij Ratebeer.com. Zo proefde hij ook bittere bieren en zware stouts uit Amerika en Denemarken. In Nederland bestonden die nog niet. Dus begon hij ze zelf te brouwen. Gewoon, thuis. Zijn kennis haalde hij uit boeken en van internet.

Brouwen en IT hebben volgens Mark veel gemeen: “Bij allebei heb je een probleem dat je wilt oplossen. Bij allebei heb je te maken met veel variabelen, technieken, temperaturen en ingrediënten. Als je een biersmaak verzint, ga je bedenken hoe je die zou kunnen maken. Brouwen is heel creatief. Ik noem het een kunstvorm.”

In 2012 werd de hobby een bedrijf: brouwerij Rooie Dop. De eerste jaren runde Mark het met twee vrienden. Als eerste in Nederland bracht Rooie Dop een IPA (India Pale Ale) op de markt.  De zaken gingen goed en al snel exporteerden ze naar liefst 35 landen. Toen hij uiteindelijk alleen overbleef en een nieuwe plek zocht om te brouwen, ontmoette hij Bart-Jan Hoeijmakers van brouwerij RUIG uit Maarssen. Sinds 2015 werken ze samen onder de naam Oproer.

Bij hun gezamenlijke brouwerij wilden ze sowieso een beer pub. Het restaurant kwam erbij omdat  de enorme industriële ruimte die ze konden huren, in een voormalig NS-gebouw naast station Zuilen, een restaurantbestemming had. Dus zochten en vonden ze twee fantastische kokkinnen, Martina en Mari, die echter alleen veganistisch werken. Vegetariër Bart-Jan en flexitariër Mark vonden het leuk het dogma bij-bier-hoort-vlees te doorbreken. Dat het restaurant zo’n succes zou worden was onverwacht. Het zat meteen vol, met mensen van alle leeftijden en uit alle lagen van de bevolking. Al in 2016 werd het verkozen tot beste veganistische restaurant van Nederland.

Oproer staat voor verandering, het heft in eigen hand nemen, iets beters willen. Want verschil maken vinden ze belangrijk. Begaan zijn met het welzijn van mens, dier en plant, dat komt bij hen van binnenuit. Daar past plantaardig, biologisch en lokaal verbouwd voedsel bij. En dito bier natuurlijk. Bovendien willen ze een vriendelijke, open plek creëren waar de hele buurt zich thuisvoelt. Daarom is er een grote speelhoek voor kinderen en een royaal terras waar ook af en toe een vuurtje brandt. Je kunt er bier komen proeven dat nergens anders te krijgen is of alleen koffie drinken.

Ten slotte hopen de mannen mensen te inspireren tot bewuster omgaan met eten en drinken. Dicht bij huis werkt dat in ieder geval. Wat Mark’s zevenjarige zoon later wil worden weet hij nog niet. Wat hij vandaag wil zijn wél.

Veganist.

www.oproerbrouwerij.nl

Dit artikel verscheen eerder op http://www.frissemosterd.nl, platform over Utrechtse horeca

 

Veluws sprookje

Op de gevel van een wit kasteel, de vijver ervoor een slordige rechthoek, staat het beeld van een witte pauw. Een plaatselijk sprookje wellicht, zoals van de eenhoorn of de witte wieven? Staverden heet deze plek op de noordelijke Veluwe, en overal om me heen is bos. Vanaf dit punt vlakbij Nunspeet liggen honderdduizenden hectaren geboomte tot helemaal in Arnhem. Zo’n grootschaligheid in zo’n klein land, het is adembenemend.

Her en der tussen de enorme loofbomen schitteren velden erica. Bijen vliegen af en aan. Met een borend geluidje duiken ze in de paarse bloemen om nog even de allerlekkerste wintervoorraad bij elkaar te zuigen. Af en toe is er ook een areaal weiland. Met een enkele roodbonte koe, een paar zwartbonte, maar vooral veel van die egaal zachtbruine. En, heel opvallend, witte. Als waren ze in India liggen ze met uitstekende heupbotten, vuile flanken en droevige ogen in de volle zon te kauwen. Opeens is daar in de schaduw een omgaasd terrein. Onder een eik stapt een witte pauw. En nog een. Wel twaalf of dertien zijn het er. Geen enkele wil de staartveren spreiden.

Ten noordwesten van Staverden ligt het Veluwemeer, 80 jaar geleden nog de Zuiderzee. In de schemer fiets ik naar de voormalige kust. Witte wieven zweven boven de vochtige weilanden. In de bossen zijn ze verdwenen, maar wat is het hier donker. Heel erg donker. Eigenlijk is het verschrikkelijk griezelig. Zelfs de verharde wegen waar ik ten slotte op rijd zijn onverlicht. Als de straatlantaarns van Elburg zichtbaar worden voel ik me een stuk beter op mijn gemak. Elburg is overdag al prachtig. Nu, het hart nakloppend van angst voor ingebeelde gevaren, kan ik alleen nog in superlatieven denken. Het zacht verlichte vissersstadje is een sprookje.

 

57606437_7bc2600e09_b

Foto Erich Ferdinand

http://www.vvvelburg.nl

http://www.beleefstaverden.nl/de-kleinste-stad/landgoed-staverden

Dit stukje verscheen eerder in de serie Milieuvriendelijke uitjes in ledenblad Terra van de Stichting Natuur en Milieu.er

 

Van bijen, bloemen en ooievaars

De smalle, diepe strook grasland, ingeklemd tussen twee sloten, tiert van leven. Bijen, vlinders, planten. Vogels, kikkers. Kinderen ook. Toch, zodra je door de achterdeur van het toegangsgebouwtje het ooievaarsdorp instapt, heerst hier rust. Langs de sloten knotwilgen, geurige bloemen, dansende koolwitjes. ‘Naar de bijen’ wijst een bordje. Het hout van het imkershuisje ruikt heerlijk zoet. Zacht en vanilleachtig, zoals alleen honing ruiken kan. In de spaarkasten en korven grote zwermen zoemende, wriemelende bijen. Ik weet het, zonder hen komt geen gewas tot vrucht en zou de wereld er kaal bij liggen. Maar ik ben blij met de glasplaat tussen mij en hun drukbevolkte binnentuintje.

Een eind verderop is een kleine tomatenkwekerij van oude rassen, bijzondere, zeldzame. 123 soorten telen we, vertelt de man trots. Bij een poeltje met een grote kluit waterlelies zit een kikker. Brrwap, zegt hij. Ik besef dat ik in geen jaren kikkers heb horen brommen. Vanuit een smoorheet hokje aan de plas die het terrein afsluit, kun je door smalle spleten vogels kijken en je waarnemingen op een schoolbord schrijven. Schijtlijster staat er. Limbomus. En ooievaar.

Achter op het terrein staan inderdaad her en der enorme ooievaarsnesten, op kleine schuurtjes en speciaal neergezette palen. Bijna alle ooievaarsbabies zijn aan de natte meikou gestorven. Ik zie één jong, dat me scherp in het oog houdt. Achter hem de weilanden van de Alblasserwaard in alle tinten groen, vol en sappig. Dit is een heel smal stukje Holland. Ik durf te zeggen: dit is Holland op zijn best.

ooievaarsdorp groot ammers

http://www.streekcentrum.nl

Geen gezeik, ieder zijn lijk

Elk volk heeft een reputatie. Je kunt ook zeggen dat we van ieder volk een bepaald beeld hebben. Of het klopt is een tweede. Maar zo denken wij vaak dat Chinezen alle mogelijke dieren eten. Wij weten: als je ergens de hond in de pot kunt vinden, is het bij hen.

Nog zo’n staaltje beeldvorming: Chinezen doen niet aan originaliteit. Beter goed gejat dan slecht bedacht, is het motto, en dus maken ze van alles na, van gymschoenen tot handtassen, van horloges tot motoren. De kwaliteit is vaak bedenkelijk. Er is echter wel iets dat ze zo goed namaken, dat de rest van de wereld er nog wat van kan leren.

Nepvlees.

Aan de Haagse Wagenstraat, midden in Chinatown, zit  sinds jaar en dag een vegetarische toko. De koelvitrines liggen er vol met vis, vlees, kip, eend, garnaal, varken en, wie weet, hond. Gemaakt van soja en tarwe en nog wat geheime ingrediënten, bereid volgens even geheime recepten. Het ziet er zo echt uit dat ik het als steile vegetariër niet blief.

Als je echter je dooie beestje op je bord niet kunt missen, zou je best eens bij die Sie San kunnen gaan winkelen. Of bij de Vegetarische Slager, die net zoals de Chinezen heel goed vlees en vis kan namaken. Hij heeft een winkel op het Spui, om de hoek bij de vegetarische toko. Wil je luuks of lui, dan kun je zelfs naar Soy, een vegetarisch Chinees restaurant in Utrecht.

Waarom nep als het ook echt kan? Simpel: omdat je dan bijdraagt aan een minder verspillende voedselproductie. Voor dierlijk eiwit in de vorm van beest is wel acht keer zoveel landbouwgrond nodig als voor de productie van plantaardig eiwit. Dat betekent onder andere kaalgeslagen oerwouden voor de teelt van veevoer. En zo’n lelijk stuk aarde vinden ook de meeste vleeseters niet leuk.

vegetarische toko den haag

www.siesan.nl

www.devegetarischeslager.nl

www.soy-utrecht.nl

Vegetarische slager den haag

De Sallandse schone

Koeien heten Bertha, varkens Knorretje, geiten Sik en kippen Tokkie. Het ziet er naar uit dat een aantal van hen hun leven te danken zal hebben aan Lupine.

Een wonderschone naam, Lupine.

Het is ook een prachtig en gezond wezen, ons Lupineke. Een plantje, dat gemakkelijk groeit zonder mest en zonder gewasbeschermingsmiddelen. Dat laatste is een onschuldig woord voor herbiciden, insecticiden, fungiciden, nematiciden, rodenticiden, groeiregulatoren en hulpstoffen. Mooie namen, maar of je daar ooit je leven aan te danken zult hebben?

Lupine groeit gewoon op de Sallandse Heuvelrug. Na de bloei kun je de boontjes plukken, ze vermalen tot een eiwitrijk meel en daar verrassend lekkere hapjes van maken. Voor de luilakken onder ons (zoals ik) doen bedrijven als Vivera en De Vegetarische Slager dat. Ze produceren, zoals dat heet, vleesvervangers. De termen ‘vegetarische schnitzel’ of ‘vegetarische hamburger’ blijven wat onlogisch, maar het zijn gewoon lekkere dingen, dus dan hoef je niet per se een ingewikkelde andere naam te bedenken.

Er zijn natuurlijk meer bonenproducten, zoals tofu en tempé van sojabonen. Die moeten meestal van nogal ver komen. Als de eiwitrijke erwten gewoon om de hoek geteeld kunnen worden, is dat leuk voor de Nederlandse boer, voor de werkgelegenheid in Salland en dus voor onze nationale economie. Ten slotte is er ook een bonus voor de dierlijke medelanders. Want als dankzij Lupine mensen minder vlees gaan eten, zijn Bertha, Knorretje, Sik en Tokkie waarschijnlijk ook héél blij.

www.vivera.com

http://www.devegetarischeslager.nl

399px-Lupine-paars185

Stads vlees

Een kip die rond rende zonder kop, dat vonden wij fascinerend, maar niet abnormaal.

Onze moeder stuurde ons af en toe met twee gulden in de hand naar vrouw Janssen, die drie straten verderop in haar achtertuin een omheinde stoffige bak had. Daar liepen geen paarden, maar een stuk of vijftig kippen. Wij gingen zonder kloppen haar keuken in en vroegen: “Mogen wij één kip, tante?”

Tante, altijd met een groot schort voor, beende naar de stoffige kippenren en greep zonder omhaal een van de kakelende dames beet. Binnen tien seconden draaide ze het diertje de nek om, trok de kop eraf en smeet het onthoofde lichaampje op de grond. Dat rende nog een minuut of drie rond, de hele bak door, tot alle reflexen eruit waren en het na een laatste stuiptrekking stil lag. Wij gaven tante de twee guldens en kregen de kip in een krant gevouwen mee.

Het klinkt gruwelijk, al dachten wij als jonge kinderen niet in die termen. Het was wat het was. Toch denk ik dat de kippen in kwestie een prima leven hadden tot tante ze zo ruw onthoofdde. Scharrelen in zand, ruimte in overvloed, een paar hanen die links en rechts een beurt uitdeelden. En de hele kip werd opgegeten, niet alleen de filetjes.

Rondom Utrecht hebben twee mensen die ouderwetse manier van veeteelt weer teruggebracht. Biologische boer Ward en dierenarts Wikke laten op braakliggende grond in en tegen de stad aan kippen, varkens en runderen scharrelen, wroeten en grazen. Ze willen aan stedelijke consumenten, die vaak geen flauw idee hebben waar het vlees dat ze eten vandaan komt, laten zien hoe dieren geboren worden, leven en groeien. Het zijn allemaal rassen met een mooi uiterlijk, een lief karakter, en door hun natuurlijke manier van leven een robuuste gezondheid. Eigenlijk veel te leuk om op te eten dus.

Maar goed, menig stedelijke consument wil toch smakelijk vlees. Voortaan is dat rechtstreeks bij Ward en Wikke te bestellen. Zij hebben dan al gezorgd voor een leven vóór de dood van de kippen, varkens en runderen. Want bij deze stadsboeren staat dierenwelzijn voorop. Hun veestapel krijgt een maximaal aantal weidedagen en ruimte, op een bodem zonder kunstmest of bestrijdingsmiddelen. Waar mogelijk voer uit de regio, en zo min mogelijk antibiotica.

Ik vind dat Ward en Wikke wel een veer in de bips verdienen. Al dan niet van een kip.

www.wardenwikke.nl

Vergelijkbaar: http://www.blijeduurzamista.wordpress.com/2014/07/14/kip-ik-heb-je/

IMG_3702

Zomerkermis en water bij de wijn

Je hebt kermissen voor het plebs. En je hebt theater voor Ons Soort Mensen. Als je niet weet wie dat zijn: Zij die smaak hebben.

Persoonlijk houd ik erg van kermissen.

Toch ga ik al jaren niet meer. De overdaad aan lelijk plastic in de attracties en het tegen elkaar opdreunen met decibellen schrikt me volledig af. Ik ga wel naar de Parade, een reizend theaterfestival. Tijdens de zomermaanden slaat het zijn tenten op in respectievelijk Rotterdam, Den Haag, Utrecht en Amsterdam. Wat ik er het allerleukst aan vind, is dat het eruit ziet als een ouderwetse kermis. Inclusief zweefmolen, maar zonder de decibellen.

De sfeervolle tenten van De Parade staan op al even sfeervolle locaties. Vooral die in Utrecht is subliem. Onder de bomen van het Moreelsepark is het fantastisch toeven. Mede omdat je op veel plekken mooi kunt zitten en dan erg lekker eten en drinken. In al die reizende restaurants en bars wordt geen vlees uit de bio-industrie geserveerd. De vis is duurzaam gevangen en de kippen hebben mogen scharrelen voor ze in de pan belandden.

Zelf lust ik geen dieren, maar ik vind het voor hen wel heel fijn dat ze een leven hebben gehad vóór de dood. Voor mijzelf vind ik het fijn dat de huiswijn van biologische druiven is en verkocht wordt in recyclebare PET-flessen. Dat ik op De Parade kan eten van porseleinen serviesgoed, borden, bestek en drinken uit herbruikbare glazen. En kraanwater kan bestellen, in plaats van peperduur bronwater in plastic flessen.

Als ik wil kan ik zelfs gratis kraanwater afhalen bij het Join the Pipe-tappunt op het terrein.  Join the Pipe is een organisatie die de WC’s schoonhoudt.  In ruil vraagt ze een vrijwillige bijdrage voor waterprojecten in ontwikkelingslanden. Sociale duurzaamheid, heet dat. Net zoals het feit dat er tolken gebarentaal zijn bij een aantal voorstellingen.

Een duurzame kermis, ik had nooit kunnen bedenken dat die twee begrippen samengaan.  Maar De Parade laat zien dat het kan. En die korte theatervoorstellingen zijn vaak verrassend leuk!

http://www.deparade.nl

IMG_3787                IMG_3789