Knorretje en de bonen

Sorry Oss.

Veel mensen vinden je de lelijkste stad van Nederland. Almere en Rotterdam zijn geduchte concurrenten, maar ook voor mij sta je nummer 1 op deze lijst.

Toen ik er werkte woonde ik gelukkig in het charmante dorpje Berchem, in een keuterboerderijtje aan de rand van het bos. Met een paar andere hippies hield ik een geit, kippen, varkens, een soort moestuin met veel dahlia’s en een fruitboomgaard.  Desondanks moest ergens anders de kost verdiend worden. Daarvoor fietste ik dagelijks de zes kilometer naar Oss.

In deze saaie stad maakt de firma Organon al lang geen anticonceptiepillen meer. Maar de firma Dalco doet er een ander nuttig ding voor de wereldbevolking. Samen met studenten van de Hogeschool in Den Bosch ontwikkelt zij de Brabantse Bonenburger.  Gemaakt van bruine bonen, tuinbonen en erwten, die geteeld worden in Brabant. Nu zijn er wel meer bonenburgers. Kant en klare gemaakt van kikkererwten of linzen, of zelfgemaakte van geprakte bonen gemengd met een eitje, wat kruiden en paneermeel. Verpakt en van bruine bonen waren ze er nog niet, en ook niet in combinatie met de andere ingrediënten uit de directe omgeving van een fabriek.

Dalco is overigens ook gewoon producent van allerlei happen met vlees er in. Die grote varkensstallen op het Brabantse platteland staan daar ten slotte niet voor de flauwekul. Het bedrijf doet in brede zin in proteinen, in lekentaal wel eiwit genoemd, en maakt dus tegelijkertijd vleesvervangers voor verschillende merken. Daar wordt mijn duurzame hartje toch blij van.  Want op mijn dagelijkse fietstocht van het hippieparadijs naar de Osse binnenstad passeerde ik altijd de Unox fabriek. Van die gezellige erwtensoep en de nieuwjaarsduik, weet je wel. Vanaf de weg had ik vrij uitzicht op open schuren met zacht voortschuivende stalen draden, waar varkens op hun kop aan hingen. Ze gleden hun dood tegemoet, en ze wisten het. Hun angstige gekrijs ging me door merg en been.

Ik hoop dus dat de tijd komt dat zulke lelijkheid niet langer plaats vindt in Oss. Omdat je met bonen prima in je eiwitbehoefte kunt voorzien.  En met de effecten op je darmstelsel valt er de volgende dag ook nog wat te lachen.

http://www.veganchallenge.nl/bruine-bonenburgers/https://nl  

nl.facebook.com/DeBrabantseBonenburger

 

IMG_3520

Boterhamzakjes in je tank

Er was eens een warme Nederlandse zomer. Zo warm, dat een smogalarm werd afgegeven. Aangeraden werd om fysieke inspanning te vermijden, want daardoor ga je dieper ademen en zou je meer vuile lucht binnenkrijgen. “Des te meer redenen om de auto te pakken, want dan zit ik lekker rustig”, zei een bijdehante collega op het Utrechtse Provinciehuis waar ik toen werkte. Inderdaad, goed voor hem. Wel weer jammer voor al die niet-automobilisten die gewoon te voet boodschappen deden of op de fiets naar hun werk gingen. Of die kind waren en buiten speelden.

Ik denk (hoop) dat hij een grap maakte,. Tegelijkertijd illustreerde hij met zijn opmerking haarfijn ons onstuitbare verlangen naar kilometers vreten. Al stinkt de wereld op sommige plekken dat het een aard heeft, wij willen auto’s, bussen, treinen, vliegtuigen in.  Of motoren en brommers op. Op bescheiden schaal doen we dat anno 2013 elektrisch. Als die stroom van fossiele bronnen komt is dat wel green washing, maar je zit in ieder geval niet met de meur van uitlaatgassen.

Of fossiele bronnen echt uitgeput raken durf ik niet met zekerheid te zeggen. Wel dat ze steeds moeilijker te winnen zijn. Daardoor krijg je weer lastige kwesties als schaliegas winnen ja of nee. Olieboringen in de koude negorij die de Noordpool heet. Of aardbevingen en verzakkingen in Drenthe en Groningen omdat de aardgasbubbel kleiner wordt.

En opeens waren daar die fijne jongens en meisjes van het Zwitserse  bedrijf Diesoil. Zij dachten in kringlopen en bouwden een proefinstallatie waarmee ze van aardolieproduct plastic weer aardolie wilden maken. En verdomd, het werkte! Terug naar af kreeg opeens een positieve klank. Ze gebruikten plastic afval dat nu nog wordt verbrand in afvalenergiecentrales. Waar overigens wel elektriciteit en stoom voor bijvoorbeeld stadsverwarming van wordt gemaakt.

In Eindhoven is een ingenieursbedrijf dat al 65 jaar installaties bouwt die van olie en gas chemische producten maken. Petrogas heet het, en dit bedrijf gaat nu een fabriek bouwen  die het idee van de Zwitsers commercieel lonend maakt. Zij hopen dat het niet bij één fabriek blijft. Over de kwaliteit van de olie uit plastic hoeft niemand zich druk te maken. De diesel, kerosine en benzine kunnen zo de pomp in. Uiteindelijk hebben we dan natuurlijk wel weer uitlaatgassen. Maar mogelijk minder plastic soep, minder plastic zwerfafval en minder vernietiging van landschappen.

Help Diesoil en Petrogas een beetje, zou ik zeggen. Breng je plastic afval naar zo’n speciale container, meestal in de buurt van een supermarkt.  Wie weet brengt het je dan straks van A naar B.

IMG_3515

In je mik of in de kliko?

Een jaar of zestien was mijn zoon, en liefhebber van goed eten. Daarom wilde hij graag in een restaurant werken. La Place leek hem leuk, want daar hadden ze veel lekkere en verse dingen. Hij werd aangenomen, voor E 2,80 per uur. Het was weinig, maar hij hield van koken en kreeg ook korting op zijn lunch. Voor hem een bescheiden maar aantrekkelijk emolumentje bij het karige salaris. Dat aan het eind van de dag – van élke dag, en alleen al in die ene vestiging waar hij werkte – voor zo’n duizend Euro aan voedsel in de kliko verdween, was minder leuk. Ronduit stom, kun je gerust zeggen.

Ondanks doemberichten dat we de groeiende wereldbevolking niet kunnen voeden, ben ik niet de enige die daaraan twijfelt. Wanneer volgens huidige schattingen een miljard mensen overgewicht heeft, en een miljard mensen honger, dan concludeer ik daaruit dat voedselgebrek meer een kwestie van logistiek en prijzen is dan van tekorten.

Verspilling is eerder het probleem. En gelukkig zien steeds meer mensen dat en doen er iets aan. De gemakkelijkste plek om te beginnen is natuurlijk bij jezelf. Niet méér kopen dan je verwacht in je mik te schuiven. Heb je de ambitie slank te blijven (of worden)? Niet méér kopen dan nodig om je honger te stillen. Wat ik nog veel fijner vind is dat er ook mensen zijn die groter denken en vooral groter dóen (daar hoor ik dan weer niet bij).

Afgelopen zomer, op 29 juni, serveerde Damn Food Waste op het Museumplein in Amsterdam voor zeker 6.000 mensen een gratis lunch. Gemaakt van een grote berg verse groenten die niet in de handel kwam omdat hij te krom, te klein, te groot of gek gevormd was, of uit een beschadigde of verkeerd gelabelde verpakking kwam. Zonder deze actie was het in de vuilnisbak beland. Van die berg werd ter plaatse voor die 6.000 mensen, da’s toch een aardig dorpje, soep en curry gemaakt.

Eerder waren er al zulke diners in Londen, Parijs, Dublin, Zaragoza en Nairobi. Deze maand zijn ze in Nantes en in New York. Allemaal het gevolg van de ideeën en daadkracht van schrijver Tristram Stuart, die de massadiners bedacht en wist hoe hij anderen mee moest krijgen. Consumenten worden door zulke acties bewuster van wat ze weggooien, maar ook voedselverwerkende bedrijven en politici worden door Damn Food Waste gevraagd mee te denken en oplossingen te verzinnen. Tot mijn grote genoegen is het een thema in de media, op universiteiten, bij boeren, tussenhandelaren en voedselverwerkende bedrijven.

Nu nog een gratis lunch voor de onderbetaalde jongeren in de horeca. Of nog beter: geef hun aan het eind van de dag mee wat anders weggegooid zou worden. Voor zichzelf, hun huisgenoten of familie. Da’s pas een lekkere secundaire arbeidsvoorwaarde!

voedselverspilling

http://damnfoodwaste.com/

http://www.feeding5k.org/

http://www.tastethewaste.nl/

Zonnige smarties

Vannacht heb ik een boek gelezen. Welk boek is niet zo belangrijk (gewoon, wereldliteratuur). Wel dat ik het bij zonlicht las. En nee, ik ben niet in Lapland.

Naast mijn bed stond een geel rechthoekig doosje urenlang helder licht op de bladzijden te schijnen.’s Middags had het op mijn vensterbank gestaan. Buiten hing sluierbewolking. En toch zat het kleine doosje ’s avonds zo bomvol gratis zonne-energie, dat ik het weliswaar na twee uur lezen voor gezien hield, maar doosje niet. Dat stond er kittig bij en wilde nog wel een uur of zes onverminderd helder licht geven. Ik drukte het uit, maar bewaar de voorraad licht voor volgende avonden.

Diep onder de indruk ben ik, van de Waka Waka. Bedacht door Maurits Groen en Camille van Gestel, als vervolg op hun idee dat de wereldkampioenschappen voetbal in Zuid-Afrika veel duurzamer konden wanneer overal ledlicht op zonne-energie zou worden gebruikt. Dat was al groot en groots gedacht, en zo geschiedde het.

Maar daarna vonden ze het treurig dat de ‘gewone’ Afrikaan geen toegang had tot een elektriciteitsnet en dus niks had aan hun idee. Ze vonden het treurig dat al die miljoenen in het donker zitten na zonsondergang, of in de walm van kerosinelampen die tot nare branden kunnen leiden en sowieso enorm stinken en giftige dampen verspreiden.

Binnen de kortste keren en met hun eigen kapitaal lieten de mannen een lamp ontwikkelen door slimmeriken bij het bedrijf Intivation. Het eerste model Waka Waka werd met open armen ontvangen en was in no time verkrijgbaar in meer dan 70 landen. Schitterend licht, betekent Waka waka in het Swahili. Een mooiere naam hadden ze hun uitvinding niet kunnen geven.

Onlangs werd het nieuwste model gepresenteerd, gefinancierd met crowd funding. Zelfs bij zonne-energie-experts doet de Waka Waka Power de kin op het trottoir zakken, vanwege zoveel vermogen in zo’n klein doosje. Je kunt er een vertrek mee verlichten, maar bovendien je smartphone opladen. In ontwikkelingslanden hebben weinig mensen een computer, maar de smartphone is vaak een waardige vervanger. Boeren kunnen er bijvoorbeeld mee op internet en zien wat nou een reële prijs is voor hun waren. Mensen die nooit toegang hadden tot bankrekeningen kunnen opeens bankieren. Zelf heb ik die functie nog niet uitgeprobeerd, zijnde een dinosaurus of nog achterlijker, want ik heb geen smartphone. Verder ben ik best gelukkig hoor, dank u.

Bij Waka waka werken echte idealisten. Ze willen nu hun lampen naar Syriërs in vluchtelingenkampen brengen. Onder het motto Een voor u, een voor hen kun je een Waka Waka kopen, en het bedrijf doet er vervolgens een cadeau aan een gezin in een vluchtelingenkamp. Daar is over nagedacht. Organisaties ter plekke bekijken wie er een nodig heeft en zien er op toe dat geen malafide types zich de lampen toe-eigenen om er vervolgens een handel van te maken. Hij kost 69 Euro. En dan heb jij er een en iemand die verder bijna niks meer heeft ook. Zelfs los van het goede doel moet dat met de stroomslurperij van smartphones een lonende investering zijn. En de wereldliteratuur is de hele nacht voor je beschikbaar.

Kopen kan onder andere hier http://www.solarpowersupply.nl/solar-chargers/wakawaka-power-yellow

waka waka